GRAND PRIX VAN MONACO 1961

XIXe Grand Prix Automobile de Monaco 

MON

VERSLAG VAN DE RACE

n° 20 - Stirling Moss - Lotus 18

Naar de eerste race van het seizen werd met veel belangstelling uitgekeken. Zeker omdat het ook de eerste race was onder de nieuwe formule. 21 coureurs schreven zich in voor deze Grand Prix. 5 fabrieksteams waren aanwezig: Porsche, BRM, Cooper, Lotus en Ferrari. Ze waren elk verzekerd van minstens twee startplaatsen. Dat waren trouwens ook Maurice Trintignant en Stirling Moss als ex-winnaars.Verder hadden de volgende teams zich ook nog ingeschreven voor de Grand Prix: Equipe Nationale Belge (met de Emeryson), Rob Walker Racing Team (met Lotus), Yeoman Credit Racing Team (met Cooper), UDT Laystall Racing Team (met Lotus) en nog enkele kleinere teams. Vermits er op het circuit van Monaco maar 16 wagens toegelaten werden tot de race, bleven er na de wildcards maar 4 plaatsen over die verdeeld moesten worden tijdens de trainingen.

Tijdens de eerste training was het Jim Clark die de show stal. Ronde na ronde reed hij snelle tijden. Als beste tijd liet hij 1’39,6” noteren. Dan, in St.Devote, knalde hij tegen de vangrails. Hij mocht van geluk spreken dat hij zijn zwaar beschadigde Lotus ongedeerd kon verlaten. Zijn wagen zou trouwens pas hersteld zijn op zondag, de racedag. Jack Brabham van zijn kant zat met zijn gedachten bij de trainingen voor de 500 mijl van Indianapolis. Dat was dit seizoen wel geen race meer voor het Formule 1 wereldkampioenschap, maar nog steeds een race die tot de verbeelding sprak. Hij reed een ronde in 1’44,0” en vermits hij toch zeker was van een startplaats voor de race, liet hij het hierbij en vloog terug naar Indianapolis.

Op de training van vrijdag viel niet veel te beleven. De training van zaterdag was de laatste kans om iets aan de startopstelling te veranderen. Innes Ireland, die in de tunnel zich van versnelling had vergist, spinde en beschadigde daarbij zijn Lotus. Erger was dat hij zelf ook vrij zware kwetsuren had opgelopen.Onder andere een gebroken been hielden hem uit de wedstrijd. Stirling Moss had net voor dit ongeval een ronde gereden in 1’39,1” in zijn Rob Walker Lotus. Hij was daarmee 0,2 seconde sneller dan Richie Ginther, die zijn tijd van vrijdag niet kon verbeteren. Door de kwetsuren van Ireland mocht Allison zijn plaats op de grid innemen.

Richie Ginther nam direct na de start de leiding en werd gevolgd door Jim Clark, Stirling Moss en de rest van het veld. Iedereen was goed weggekomen en op het einde van de eerste ronde reed het leidende trio nog steeds in dezelfde volgorde. Jim Clark had Richie Ginther al moeten laten rijden, maar dat had meer te maken met het feit dat Jim Clark al problemen had met zijn Lotus dan dat Richie Ginther zoveel sneller was. Op het einde van de 2e ronde moest Jim Clark de pit al opzoeken. Hij zou meerdere ronden verliezen en geen kans meer maken op een goede klassering. Nog te vermelden valt dat de pit vanaf dit jaar gesitueerd was na de Gaworks haarspeld.

In de 5e ronde had Richie Ginther 7 seconden voorsprong op Stirling Moss. Deze reed echter op dat moment al betere rondetijden. In zijn zog volgde Jo Bonnier op de derde plaats. Vier ronden later had Stirling Moss het gat met Richie Ginther al volledig gedicht. Enkele ronden later sloot ook Bonnier aan. In de 14e ronde ging Stirling Moss Richie Ginther voorbij, iets wat Jo Bonnier hem bijna onmiddellijk nadeed. De Zweed kon echter Stirling Moss niet bijhouden eens die een vrije baan had. Ondertussen had Phil Hill een stevig duel uitgevochten, en gewonnen, met Wolfgang Von Trips, Dan Gurney en Bruce McLaren. Hij reed nu op de vierde plaats. In 7e stelling reed de Yeoman Credit Cooper van John Surtees. De eerste opgever werd ondertussen Graham Hill in de 12e ronde. De brandstofpomp van zijn BRM was stuk gegaan.

Na 25 ronden had Stirling Moss 10 seconden voorsprong op Jo Bonnier. De Zweed had nu 3 Ferrari’s die achter hem aanzaten. Phil Hill, die Richie Ginther was gepasseerd in de 24e ronde, was zijn naaste achtervolger. Jo Bonnier kon niet aan de druk weerstaan en in de 27e ronde werd hij door de Amerikaan voorbij gereden. Phil Hill kon echter geen seconde van zijn achterstand op Stirling Moss goedmaken. In de 41e ronde ging ook Richie Ginther voorbij Jo Bonnier. Hij kwam daarna vrij snel korter op zijn teamgenoot Phil Hill en samen haalden ze alles uit de kast in een poging om Stirling Moss bij te halen. Jo Bonnier probeerde krampachtig om het contact met de twee Ferrari’s niet te verliezen. Halfweg de race was de voorsprong van Moss toch iets geslonken tot 8 seconden en in de 60 ronde zelfs tot minder dan 4 seconden. Op dat moment stopte de motor van Jo Bonnier er mee. Er was iets mis met de brandstofinspuiting. Wolfgang Von Trips nam de vrijgekomen vierde plaats over, maar hij had al wel meer dan een ronde achterstand opgelopen.

n° 36 - Richie Ginther - Ferrari 156

Er waren maar drie wagens die echt snel over de omloop scheurden. Al de rest volgden op meerdere ronden achterstand. Stirling Moss moest op al zijn kunnen beroep doen om de Ferrari’s voor te blijven. Zijn ervaring hielp hem bij het dubbelen van de tegenstrevers om zijn voorsprong terug wat uit te bouwen. Richie Ginther dacht dat hij meer kans had om Moss van de overwinning te houden en ging in de 75e ronde voorbij zijn teamgenoot Phil Hill. Hij reed er direct van weg en met een nieuwe snelste raceronde in 1’36,3” naderde hij opnieuw tot op 3 seconden van Stirling Moss. Deze reageerde echter met een evenaring van het ronderecord. Richie Ginther bleef Stirling Moss onder druk zetten tot de laatste ronde, maar uiteindelijk kon hij niets veranderen aan de overwinning van Moss. Tweede werd Richie Ginther voor Phil Hill, Wolfgang Von Trips, Dan Gurney en Bruce McLaren.

In de stand voor het wereldkampioenschap had Stirling Moss 9 punten, voor Richie Ginther met 6, Phil Hill met 4 en Wolfgang Von Trips met 3 punten. Bij de constructeurs had Lotus/Climax 8 punten voor Ferrari 6, Porsche 2 en Cooper/Climax 1 punt.

© F1-Geschiedenis
Oorspronkelijk idee, ontwerp en webmaster: Jos Van Aken (2004-2006)

Nedstat Basic - Free web site statistics