
|
Grand
Prix van Nederland 1961 - De start |
De Grand Prix van Nederland werd weer georganiseerd op Paasmaandag. Dat was amper een week na de Grand Prix van Monaco. De teams moesten dus snel handelen om de wagens klaar te hebben tegen het begin van de eerste trainingen. Alle fabrieksteams schreven 2 wagens in behalve Ferrari dat met drie wagens aanwezig was. Rob Walker en Yeoman Credit schreven elk één wagen in. 2 Porsches werden ingeschreven door de Nederlander Carel Godin De Beaufort. Er was ook een nieuw team aanwezig. Comorati International schreef 1 Cooper en 1 Lotus in. Hun inschrijving werd echter maar als reserve genoteerd. Ze zouden pas in actie mogen komen als er één van de andere wagens niet kon vertrekken. Dat gebeurde niet, dus bleef het optreden voor dit team beperkt tot de trainingen.
Het team van Ferrari was tijdens de eerste training, op zaterdagmorgen, nog afwezig. In de namiddag daagden ze echter wel op. Hun wagens waren nu uitgerust met de nieuwe 120° V6 motor. In het begin van de training hadden ze wat problemen maar naar het einde toe reed Wolfgang Von Trips toch al een ronde in 1’36,6”. Deze tijd was vergelijkbaar met de snelste ronde tot op dat moment, gereden door Stirling Moss (1’36,2”). Tijdens de derde en laatste training gingen alle drie de Ferrari’s onder de 1’36” en namen zo de eerste 3 startplaatsen voor hun rekening.
Tijdens de trainingen was er een harde koude wind die over het circuit blies. Op maandag kwam er af en toe al eens een waterig zonnetje piepen, waardoor het toch nog een goed raceweer werd. Na de start nam Wolfgang Von Trips direct de leiding voor zijn teamgenoot Phil Hill. Richie Ginther, in de derde Ferrari, maakte een slechte start. Na 1 ronde reed hij dan ook pas op een 7e plaats. Hij was voorbij gegaan door Graham Hill, Jim Clark, Dan Gurney en Stirling Moss. Wolfgang Von Trips was niet van plan om de leiding af te staan. Hij reed ronde na ronde weg van Phil Hill. Graham Hill, in derde positie, deed er alles aan om voor Jim Clark te blijven. In de vierde ronde ging Jim Clark echter toch voorbij Graham Hill. In dezelfde ronde gingen Stirling Moss en Richie Ginther voorbij Dan Gurney. Jim Clark van zijn kant ging direct op zoek naar Phil Hill. In de 7e ronde reed hij een ronde in 1’35,5” en enkele ronden later reed hij vlak achter Phil Hill. Hij bleef een tiental ronden achter Phil Hill hangen, maar in de 17e ronde ging hij er voorbij. Phil Hill liet zich echter niet doen en op het rechte stuk ging hij opnieuw voorbij Jim Clark. Dit zou zich nog meerdere keren herhalen. De Lotus was sneller in het bochtige gedeelte, de Ferrari sneller op het rechte stuk. Achter dit duo vochten Stirling Moss, Richie Ginther en Jack Brabham voor de vijfde plaats. Jack Brabham kon na verloop van tijd het tempo van zijn voorgangers echter niet meer volgen. In de 27e ronde hadden Stirling Moss en Richie Ginther beiden Graham Hill weten te passeren. De snelste BRM coureur verloor nog een plaats aan Jack Brabham toen hij even naast de baan terecht kwam.

|
n°
14 - Stirling Moss - Lotus/Climax
|
Na 40 ronden moesten de leiders, die nog altijd erg kort bij elkaar reden, achterblijvers al voor de tweede keer dubbelen. Wolfgang Von Trips moest zeer aandachtig zijn dat hij zijn leidende positie hier niet verspeelde. Vanaf de 55e ronde moest Jim Clark vooraan de rol lossen. Zijn Lotus was duidelijk minder baanvast met minder benzine aan boord. Phil Hill bleef ondertussen op minder dan 1 seconden van Wolfgang Von Trips rijden. Dat bleef zo tot op het einde van de race. Ook het duel voor de vierde laats bleef tot op de eindstreep duren. In de laatste ronde ging Stirling Moss, in de haarspeld, alsnog voorbij de Ferrari van Richie Ginther. Deze probeerde Moss nog te verschalken in de laatste rechte lijn maar kwam een neuslengte te kort.
Na de race realiseerde men zich dat er geen enkele wagen was uitgevallen. Het was zelfs nog straffer: er was tijdens de race zelfs geen enkele pitstop geweest.
In de stand voor het wereldkampioenschap hadden Stirling Moss en Wolfgang Von Trips nu 12 punten. Phil Hill had er 10 en Richie Ginther 8 punten. Bij de constructeurs had Ferrari 14 punten voor Lotus/Climax met 12 punten. Porsche bleef steken op 2 punten net zoveel als Cooper/Climax.
|