
|
Thuisrijder
Olivier Gendebien - Ferrari 156 |
25 coureurs schreven zich in voor de Grand Prix van België. Daaronder de fabrieksteams van Ferrari, Porsche, Cooper, Lotus en BRM. Ondanks het feit dat de organisatoren dus 25 inschrijvingen mochten noteren, kregen er toch maar 19 coureurs die zich zouden plaatsen voor de race, startgeld. De andere mochten ook wel starten, maar dan zonder de centjes. Van de 19 startplaatsen waren er dan nog 16 gereserveerd zodat de 9 anderen moesten strijden tijdens de trainingen voor 3 overgebleven (betaalde) startplaatsen. De Lotus van het UDT-Laystall team was één van die negen wagens die zich moest zien te plaatsen. Ze waren aanwezig met twee coureurs voor de ene Lotus. Ze besloten om Cliff Allison en Trevor Tayor beiden te laten trainen. De snelste van de twee zou mogen starten in de race. Helaas werd dit idee een ramp. In de openingsronde van de eerste training op vrijdagavond ging Cliff Allison veel te snel door Blanchimont met als resultaat: een zware crash. Cliff Allison werd uit zijn Lotus op de baan geworpen. Hij werd zwaar gekwetst afgevoerd naar het hospitaal. De Lotus was onherstelbaar beschadigd en het team kon inpakken. Na een lange onderbreking waren het de Ferrari’s die zoals verwacht het heft in handen namen op dit erg snelle circuit. Wolfgang Von Trips was op deze eerste dag de snelste met 4’04,0”.
Ook de tweede training duurde, net als de eerste, twee uur. Ook nu liet Ferrari er geen twijfel over bestaan wie de snelste waren. Uiteindelijk nam Phil Hill de pole positie met 3’39,3” voor Wolfgang Von Trips. Als derde mocht Olivier Gendebien in de Ferrari met de ‘oude’ V65° motor plaatsnemen. Op de tweede rij stonden John Surtees in de Yeoman Credit Cooper en de Ferrari van Richie Ginther. John Surtees, Masten Gregory en Jackie Lewis waren de die gelukkigen die zich via de kwalificatie konden verzekeren van startgeld. Van de zes anderen, die dus geen startgeld zouden krijgen, vertrokken Carel Godin De Beaufort (Porsche) en Lorenzo Bandini (Cantr-Sud Cooper) toch in de race.
Graham Hill verraste iedereen bij de start door van op de derde rij naar de leiding te schieten. Zijn moment van glorie zou echter niet lang duren. Bij het ingaan van de bossen van Burnenville ging Phil Hill hem al voorbij. Op het einde van de eerste ronde waren ook de andere drie Ferrari’s voor Graham Hill te vinden. De vier Ferrari’s reden al snel weg van hun tegenstanders. Na 3 ronden leek de race al beslist. Phil Hill, Wolfgang Von Trips en Olivier Gendebien reden wiel in wiel op enige afstand gevolgd door Richie Ginther. Deze laatste had nog geen ervaring op het circuit van Spa-Francorchamp en nam dan ook geen onverantwoorde risico’s om het leidende trio te volgen. Gelukkig voor de toeschouwers was er achter de demonstratie van Ferrari een hevig duel aan de gang tussen Graham Hill en John Surtees met als inzet de vijfde laats. De posities tussen deze twee coureurs wisselden vaak, soms zelfs meerdere keren in één ronde. Achter hen was er een gevecht aan de gang voor de zevende plaats tussen Jo Bonnier, Jack Brabham en Dan Gurney.
Er gebeurde een hele tijd niets meer in de race. Iedereen bleef op zijn plaats rondrijden of de gevechten om de plaatsen gingen gewoon door. Op het einde van de 12e ronde blies Jack Brabham zijn motor op. Zeven ronden later eindigde het duel voor de vijfde plaats toen Graham Hill de pit moest opzoeken. De bougies waren verbrand en moesten vervangen worden. Dit was te wijten aan een gebroken uitlaat. Korte tijd later kon hij zijn weg vervolgen maar al onmiddellijk merkte Hill dat zijn motor nu olie verloor. In de 24e ronde moest hij daardoor de strijd staken. Ook de twee Coopers uitgerust met een Maserati krachtbron hadden al moeten opgeven. Lorenzo Bandini, in zijn eerste Grand Prix, viel zonder oliedruk en Maurice Trintignant had problemen met de transmissie.

|
Grand
Prix van België 1961 - De finish
|
Na 25 ronden reden enkel John Surtees, Dan Gurney, Jo Bonnier en Stirling Moss nog in dezelfde ronde als de vier Ferrari’s. Het enige dat er vooraan was gewijzigd was dat Richie Ginther voorbij Olivier Gendebien was gegaan. Phil Hill won de race net voor Wolfgang Von Trips. Het was een slechte dag voor de Britse teams die uitgerust waren met een Climax motor. Alleen Jo Bonnier, die 4e werd, eindigde in de top-7. John Surtees werd vijfde voor de twee Porsches van Dan Gurney en Jo Bonnier. Stirling Moss werd achtste gevolgd door Jackie Lewis, Masten Gregory en Carel Godin De Beaufort. Jim Clark en Tony Brooks eindigden op zes ronden na hun erg lange pitstops.
In de stand voor het wereldkampioenschap had Phil Hill nu 19 punten voor Wolfgang Von Trips met 18 punten. Richie Ginter en Stirling Moss totaliseerden al 12 punten. Bij de constructeurs had Ferrari 218 punten, voor Lotus/Climax met 12 punten. Cooper/Climax had er 4 en Porsche 3.
|