GRAND PRIX VAN ZUID-AFRIKA 1967

XIIIth South African Grand Prix

VERSLAG VAN DE RACE

Grand Prix van Zuid-Afrika 1967 - De startgrid

Vorig seizoen werd de Grand Prix van Zuid-Afrika gereden op de eerste dag dat de nieuwe reglementen van kracht werden. Dat was dan ook de belangrijkste reden waarom deze wedstrijd niet opgenomen werd in het wereldkampioenschap Formule 1. Dit jaar echter, was de wedstrijd weer de openingsmanche van het wereldkampioenschap. Als locatie werd deze keer het circuit van Kyalami gekozen, dat gelegen was in de buurt van Johannesburg. Het was een zogenaamd ‘rijderscircuit’ met veel uitdagende bochten en één lang recht stuk. Het circuit had echter één groot nadeel waardoor de teams er niet zo graag reden. Het lag op grote hoogte, namelijk hoger dan 1.700 meter. Dat veroorzaakte vooral problemen met de brandstofmengsels, vooral dan bij warm weer. Maar ook oververhitting van de motoren was hier een groot probleem.

Ondanks het feit dat de race werd gehouden in het begin van het jaar 1967, was er toch een vrij grote belangstelling vanwege de teams. 18 coureurs waren ingeschreven voor deze race. Ze waren verdeeld over de teams van Brabham, Cooper, BRM, Lotus, Eagle en Honda. De rest van de rijders reden voor verschillende privé-teams die nog waren ingeschreven. Als belangrijkste konden we hier de teams van Rob Walker en Reg Parnell noteren. De grote afwezigen waren de teams van Ferrari en McLaren. Tijdens de eerste van drie trainingen, die elk 2 ½ uur duurde, was er nog niet veel activiteit te bespeuren. De teams spendeerden hun tijd aan het oplossen van verschillende problemen die ze hadden ondervonden tijdens een onofficiële training die hier had plaatsgevonden. Honda had toen al twee motoren opgeblazen. In vrij frisse omstandigheden was het Jack Brabham de snelste met een tijd van 1’28,3”.

Op vrijdag was het een pak warmer. De problemen met de brandstofmengsels en oververhitting van de motoren waren niet te tellen. Jack Brabham reed zelfs geen enkele ronde. Zijn teamgenoot Denny Hulme reed nu de snelste tijd in 1’28,9”. De tweede tijd, en dat was een verrassing, reed de lokale rijder John Love. Hij reed in zijn Cooper/Climax 1’29,5”.

Op zaterdag, terug onder erg warme omstandigheden, was er dan weer veel activiteit op het circuit te bespeuren. De teams hadden de meeste van hun problemen weten op te lossen. Desondanks slaagde er niemand in om de tijden van de twee Brabham coureurs te verbeteren. Jack Brabham liet op deze laatste trainingsdag terug de snelste tijd noteren. Zijn tijd van 1’28,5” was echter trager dan wat hij donderdag al op de klokken had laten zetten. John Love had besloten om deze training aan hem te laten voorbijgaan. Dit vooral om zijn Climax motor te sparen. Enkel Pedro Rodriguez en Jim Clark konden hun tijd verbeteren, waardoor Love op de derde rij van start kon gaan. De Schot reed de derde tijd in 1’29,0” en de Mexicaan de vierde in 1’29,1”. Graham Hill van zijn kant, had tijdens alle drie de trainingen problemen. Het was dan ook geen verrassing dat hij bijna helemaal achteraan op de grid terug te vinden was. Dat was uiteraard geen goed begin voor zijn eerste race in de Lotus sinds 1959.

De race werd gehouden op maandag. Op zondag konden de teams de laatste voorbereidingen treffen. Op de racedag zelf was het weer ontzettend warm. Ondanks het feit dat het in de nacht van zondag op maandag hevig had geonweerd. Om 15.10 werd figuurlijk het nieuwe seizoen op gang geschoten. Het was Denny Hulme die naar de leiding schoot voor Jack Brabham en John Surtees. De rest van het deelnemersveld volgde, met uitzondering van Luki Botha, die zijn motor had laten afslaan op de startgrid. Hij verloor meer dan een ronde voor hij ook kon vertrekken.

De eerste twee ronden vielen er vooraan geen wijzigingen te noteren In de 3e ronde spinde Jack Brabham in ‘Crowthorne Corner’ Hij viel terug naar de vierde plaats net achter de Cooper van Jochen Rindt maar voor deze van Pedro Rodriguez. Jackie Stewart had minder geluk. Hij blies, voor de zoveelste keer, een BRM H16 motor op. Hij verloor daarbij heel wat olie op de baan waar twee ronden later Jochen Rindt op spinde. Hij viel daardoor terug tot achter Pedro Rodriguez en Jim Clark. In de volgende ronde maakte Graham Hill ook een uitstapje dat niet voorzien was. Hij reed bruusk over de kerbs in dezelfde ‘Crowthorne Corner’ en beschadigde daarbij zijn voorwielophanging Hij had geen andere keuze dan rustig naar de pit te rijden en daar de strijd te staken. Ook Jim Clark, in de andere Lotus, was niet gelukkig. Eerst werd hij, in de 8e ronde, gepasseerd door Jochen Rindt. Dan moest hij de temperatuur van zijn motor drukken, want die geraakte oververhit. In de 22e ronde moest hij darvoor de pit opzoeken zodat er geen Lotus meer in de wedstrijd was. Ondertussen bouwde Denny Hulme zijn voorsprong op John Surtees rustig uit. John Surtees van zijn kant werd dan weer ingehaald door Jack Brabham, die op zijn beurt weer werd ingehaald door Pedro Rodriguez en Jochen Rindt. In de 18e ronde nam de Mexicaan de derde plaats van Jack Brabham over. Helaas verloor hij de volgende ronde zijn tweede versnelling. Weer een ronde later werd hij terug naar de derde plaats verwezen door Jack Brabham. Ook Jochen Rindt kon hem in dezelfde ronde passeren. Brabham, Rindt en Rodriguez kwamen echter steeds maar korter bij John Surtees. In de 21e ronde nam Brabham de tweede plaats over. Een drietal ronden later ging ook Jochen Rindt voorbij de Honda coureur. Verder naar achteren in het deelnemersveld was er een mooi duel tussen John Love en Pedro Rodriguez. Nadat ze beiden Perdo Rodriguez konden passeren, gingen ze op zoek naar de Honda van John Surtees. Deze had in de 26e ronde nog 15 seconden voorsprong op het duo.

Halfweg was de volgorde nog steeds dezelfde. Denny Hulme had nu 30 seconden voorsprong op Jack Brabham Dan volgde Jochen Rindt, terwijl John Love en Dan Gurney in het zog van John Surtees reden. Maar plots ging alles erg snel. John Love kon in de 37e ronde John Surtees passeren, terwijl Dan Gurney hetzelfde deed in de volgende ronde. Dan, in de 39e ronde, werden ze respectievelijk derde en vierde, toen Jochen Rindt uitviel met een opgeblazen motor. Twee ronden later schoven ze nog een plaats op toen Jack Brabham een pitstop moest maken omdat zijn motor een duidelijk hoorbaar probleem had. De pitstop duurde meer dan vier ronden waardoor hij uiteraard kansloos was op een goede eindklassering. Maar de race was nog niet gedaan! Jo Siffert blies zijn motor op in de 42e ronde. Drie ronden later stond ook Dan Gurney aan de kant. De achterwielophanging was afgebroken op de Eagle T1G. Door deze laatste opgave schoof John Surtees terug naar de derde plaats. Pedro Rodriguez, die nog steeds zonder tweede versnelling reed, kwam de Honda echter bedreigen. In de 54e ronde wisselden ze van plaats.

n° 17 - John Love - Cooper T79

Met nog 21 ronden te gaan leek de race beslist. Zijn voorsprong op John Love was gegroeid tot bijna één minuut. Plots reed Denny Hulme echter de pit in. Hij schreeuwde naar zijn pitcrew dat ze remolie moesten klaar houden, maar reed gewoon door. Een ronde later stopte hij echter wel en werd er remolie bijgevuld. John Love, Pedro Rodriguez en John Surtees waren echter allemaal gepasseerd toen hij terug kon vertrekken. Het thuispubliek was door het dolle heen, want hun thuisrijder John Love had nu 24 seconden voorsprong op Pedro Rodriguez. Eens te meer leek de winnaar van deze race vast te staan, zeker nu er maar zeven ronden meer te rijden waren.

Maar plots reed ook John Love de pit in. Hij had te weinig benzine aan boord en moest een korte tankbeurt maken. Het publiek zag echter Pedro Rodriguez de leiding van de race overnemen. Hij werd enkele ronden later als winnaar afgevlagd. John Love kon echter zijn tweede plaats echter wel veilig stellen tot op het einde. Derde werd John Surtees voor Denny Hulme, Bob Anderson en toch nog Jack Brabham. Het waren trouwens de enige zes coureurs die geklasseerd werden in deze knotsgekke Grand Prix.

In de stand voor het wereldkampioenschap stond Pedro Rodriguez uiteraard op kop met 9 punten. De Zuid-Afrikaan John Love stond met 6 punten tweede voor John Surtees met 4 en Denny Hulme met 3 punten. Bij de constructeurs had Cooper/Maserati 9 punten voor Cooper/Climax met 6, Honda met 4 en Brabham/Repco met 3 punten.

© F1-Geschiedenis
Oorspronkelijk idee, ontwerp en webmaster: Jos Van Aken (2004-2007)

Nedstat Basic - Free web site statistics