
|
n°
12 - Vic Elford - McLarenM9B |
Voor de derde keer in vier jaar hadden de organisatoren van de Grand Prix van Duitsland beslist dat er gelijktijdig met de wedstrijd voor Formule 1 wagens ook de wedstrijd voor Formule 2 wagens te houden. De reden hiervoor was dezelfde als de voorgaande keren, namelijk een groter deelnemersveld aan de start te hebben. En met slechts 14 ingeschreven Formule 1 wagens was dit ook gerechtvaardigd. Het team van Ferrari was niet aanwezig omdat ze zich ten volle wilden concentreren op hun thuis Grand Prix op het circuit van Monza. Sinds de vorige Grand Prix in Groot-Brittannië had Lotus hun brandstoftoevoersysteem op hun model 49B aangepast. Ze hadden steeds een probleem om de laatste liters uit hun brandstoftank te gebruiken. Dat zou nu moeten opgelost zijn. Ook op hun vierwiel aangedreven wagens hadden ze enkele wijzigen doorgevoerd. Bovendien konden ze hier een beroep doen op de ervaring van Mario Andretti. Voor de rest bestond het deelnemersveld uit dezelfde teams als gewoonlijk. In totaal namen er, zoals reeds vermeld, 14 coureurs deel aan de wedstrijd. Deze waren verdeeld over de teams van Lotus, Brabham, Matra, McLaren en BRM. De volgende privé-teams waren allen met één wagen aanwezig: Rob Walker, Colin Crabbe, Jo Bonnier en Frank Williams.
In tegenstelling tot vorig jaar was het deze keer heet op de Nürburgring toen de trainingen begonnen. Zoals verwacht dicteerde Jackie Stewart al direct de wet. Hij reed de snelste ronde in 7’55,6”, al bleef Jochen Rindt wel in de buurt met een achterstand van amper 2,4 seconden. Dan volgden Graham Hill en Jean Pierre Beltoise met een tijd van 8’04,0”. Mario Andretti en Denny Hulme kregen niet de kans om een tijd neer te zetten, want beiden vielen in hun eerste ronde al stil aan de zijkant van de baan.
Tijdens de namiddagtraining sloeg het noodlot echter toe. De Duitser Gerhard Mitter crashte bij ‘Flugplatz’ in zijn BMW Formule 2 wagen. Hij werd daarbij op slag gedood. Dit voorval leidde tot de terugtrekking van de twee andere BMW inschrijvingen. Ook Herrmann trok zich terug uit respect voor zijn overleden vriend. Voor dit ongeval had Jacky Ickx iedereen al met verstomming geslagen door een tijd van 7’44,2” te rijden. Ook Jo Siffert reed een zeer knappe 7’50,3”. Ze werden gevolgd door Jackie Stewart (7’51,2”) en Jochen Rindt (7’54,0”).
Tijdens de laatste training verbeterde Jacky Ickx zijn tijd nog tot 7’42,1”. Jackie Stewart deed alles wat hij kon, maar kwam 0,3 seconden te kort. Jo Siffert van zijn kant kon zijn tijd van gisteren niet verbeteren, voornamelijk omdat zijn voorwielophanging afbrak en daardoor maar een vrij beperkte tijd kon trainen. Zijn tijd werd wel nog verbeterd door Jochen Rindt, die de derde plaats op de eerste rij innam. Op de tweede rij mocht Jo Siffert dan vertrekken met naast hem Denny Hulme, die alsnog 7’52,8” reed. Nadat hij op vrijdag al geen enkele volledige ronde had kunnen rijden, reed Mario Andretti ook op zaterdag maar drie ronden voordat de aandrijving van de Lotus 63 het begaf. De beste tijd van Mario Andretti bedroeg amper 8’15,4”. John Surtees van zijn kant was zo teleurgesteld in de prestatie van de P139, dat hij zich terugtrok voor de race.
Van de overblijvende 8 Formule 2 wagens was Johnny Servoz-Gavin de snelste met een tijd van 8’11,1”.
Ook op zondag was het mooi weer in het Eifelgebergte. De start ging echter niet zoals Jacky Ickx zich had voorgesteld. Hij viel ver terug in het pak. Na de ‘South Curve’ reed Jackie Stewart op kop voor Jo Siffert en Jochen Rindt. De jonge Belg was echter niet onder de indruk en op het einde van de eerste ronde was hij al terug opgerukt naar de vierde plaats, net achter de twee Lotussen. Jackie Stewart had echter al zes seconden voorsprong uitgebouwd. In het achterveld was Mario Andretti al gecrasht en Vic Elford kon de Lotus niet ontwijken en knalde er vol op. Beide wagens waren buiten strijd en bovendien had Vic Elford ook nog zijn arm gebroken. In de tweede ronde ging Piers Courage van de baan en was al meteen de derde opgever in de race. Vooraan reed Jackie Stewart nog steeds verder weg van de rest en had Jacky Ickx Jochen Rindt kunnen verschalken. Achter de eerste vier reed Denny Hulme op de vijfde plaats net voor Graham Hill, Bruce McLaren en Jean Pierre Beltoise. Ver daarachter volgde dan Jackie Oliver die maar net voor de eerste Formule 2 wagen van Johnny Servoz-Gavin reed.
Vroeg in de derde ronde stootte Jacky Ickx door naar de tweede plaats. In één ronde tijd halveerde hij de negen seconden voorsprong van Jackie Stewart. Voor het einde van de vierde ronde reed de Belg al in het wiel van de Schot. Ickx ging direct over tot de aanval op de leidende positie. In de ‘North Curve’ in de zesde ronde, nam Jacky Ickx de leiding over, maar hij ging te wijd door de bocht en Stewart counterde direct. Ze scheurden zij aan zij voorbij de pit en toen remde Ickx Stewart uit bij het aanremmen naar de ‘South Curve’ toe. Direct reed hij een nieuw ronderecord in 7’43,8”. Hij had twee seconden voorsprong, halfweg de race. Jo Siffert, de derde, volgde al op meer dan één minuut. Jochen Rindt was teruggevallen naar de 8e plaats door een probleem met zijn motor. Denny Hulme reed op de vierde plaats met nog steeds kort achter hem Bruce McLaren en Graham Hill. Deze laatste had wel geen vierde versnelling meer! In de Formule 2 wedstrijd reed Henri Pescarolo, in zijn Matra, op kop omdat Johnny Servoz-Gavin zijn motor had opgeblazen.

|
n°
7 - Jackie Stewart - Matra MS80
|
Enkele ronden kon Jackie Stewart het tempo van Jacky Ickx volgen, maar toen hij problemen kreeg met het schakelen moest hij de Belg laten wegrijden. Jacky Ickx reed de resterende ronden aan zijn eigen tempo. Dat was toch voldoende om de race al winnend af te sluiten met een voorsprong van bijna één minuut op Jackie Stewart. Ver daarachter kwam Bruce McLaren als derde over de streep. Denny Hulme had in de 12e ronde moeten opgeven met een transmissie probleem en Jo Siffert was in de ‘Karussel’ van de baan gegaan. Daarbij beschadigde hij de voorwielophanging van zijn Lotus en was zijn race voorbij. Vermits ook Jochen Rindt, Jackie Oliver en Jean Pierre Beltoise alleen de race nog moesten verlaten, was Graham Hill de enige Formule 1 coureur die de aankomst nog overschreed. Hij werd dus vierde, al werden Siffert (5e) en Jean Pierre Beltoise (6e) ook nog geklasseerd.
Henri Pescarolo won de Formule 2 race. Voor de tweede plaats was er een gevecht dat pas op de aankomstlijn beslecht werd. Stommelen, Attwood en Ahrens reden zij aan zij over het laatste rechte stuk. Stommelen leek het te gaan halen, tot hij enkele honderden meters voor de eindstreep zijn motor opblies. Hij werd nog voorbij gereden door Attwood en Ahrens. Zelf kwam hij net na de finish tot stilstand waar de marshalls zijn wagen direct blusten.
In de stand voor het wereldkampioenschap had Jackie Stewart nu al 51 punten. Tweede stond Jacky Ickx met 22 punten voor Bruce McLaren me 21 en Graham Hill met 19 punten. Bij de constructeurs had Matra/Ford 51 punten voor Lotus/Ford en Brabham/Ford met 28 en McLaren/Ford met 24 punten.
|