|
|
||||||||||||||||||
|
GRAND PRIX VAN BRAZILIË 1974 3o Grande Prêmio do Brasil
|
||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||
|
VERSLAG VAN DE RACE |
||||||||||||||||||
|
De
training: De Braziliaanse douane maakte het de deelnemers aan de Grote Prijs van Brazilië niet gemakkelijk. Zonder enige voor de hand liggende reden ging men bij de inklaring zo omstandig te werk, dat de teams nauwelijks op tijd waren voor de training. Ook het doorzenden van de uit Europa komende onderdelen ging met de nodige vertraging gepaard. Vooral UOP-teamleider Alan Rees dreigde het slachtoffer te worden van deze slow down-aktie. Drie dagen lang deed Rees op Viracopos, het internationale vliegveld van Sao Paulo, vergeefs moeite om de uit Northampton overgevlogen DN 3/2A vrij te krijgen. De wagen was helemaal kompleet – met uitzondering van de motor, versnellingsbak en achteras – en moest de gecrashte wagen van Jarier vervangen. Rikky von Opel trok zich voor de zoveelste keer terug.
Zoals dat vorig jaar ook al het geval was geweest, vergde de hobbelige baan ook dit jaar weer het nodige van de wagens. Alleen bij McLaren was men weinig onder de indruk; Fittipaldi had al weken voor de Grand Prix uitgebreide testritten gemaakt. Interessant detail was, dat evenals in Buenos Aires de bestaande trainings- en officiële records tijdens het gehele weekend overeind bleven. Na twee dagen van hard trainen stond in de hitte, tot grote vreugde van zijn vele fans, Fittipaldi op de pole. Naast hem stond Carlos Reutemann, die daarmee mee bewees, dat zijn goede prestatie in de eerste race geen eendagsvlieg was geweest. De
race: Zondags bleken de temperaturen gelukkig iets lager. De lucht was iets bewolkt en er woei een fris windje. Het officiële tijdschema werd direct al in de war geschopt toen men troep, waaronder glassplinters, op de baan ontdekte. De Tyrrell rijders deden niet mee aan de verschoven ochtendtraining. Merzario bleef niet zonder pech: een losgeschoten radiateurdop had zijn motor beschadigd. Door de vertraging presteerden de monteurs van Frank Williams het bijna onmogelijke, het vervangen van de motor in zo’n kort tijdsbestek. Reutemann plaatste de openingszet met een bliksemstart; hij werd op de hielen gevolgd door Peterson, die er in slaagde Fittipaldi nog voor de eerste bocht het nakijken te geven. Lauda, die op het allerlaatste moment op de grid aankwam, kwam ongeveer tegelijk met Fittipaldi weg. De muziek uit de Ferrari twaalfpitter klonk echter verre van fraai en kon zijn fraaie positie niet handhaven. In de 4e ronde viel hij uit met een kapotte motor. Merzario kwam na de opwarmronde terug voor een pitstop en vertrok met een halve ronde achterstand vanuit de pits. Tussen Reutemann en Peterson ontspon zich een verbitterend gevecht om de koppositie, waarbij de Argentijn het achterste van zijn tong liet zien en Fittipaldi lag daar achter op de loer. In de staartgroep reden Migault, Merzario, Watson en Ganley mee. De laatste twee hadden in de derde ronde al een pitstop moeten maken met motorproblemen. Nu bleek dat Reutemann voor te zachte voorbanden had gekozen en hij kreeg te maken met sterk overstuur. Al in de 4e ronden gingen Peterson en Fittipaldi om de koppositie strijden. Ook Regazzoni, Ickx, Pace en Hailwood gingen de arme Carlos even later voorbij. Aangespoord door zijn vurige landgenoten, ging Fittipaldi Peterson onder druk zetten. En ook in dit duel zouden de banden een beslissende rol gaan spelen. Een slow puncture in de rechter achterband was er de oorzaak van, dat Peterson al gauw de volle breedte van de baan nodig had en dat luidde het begin van het einde in. In de 16e ronde lag hij in tweede positie en vier ronde later bij de pits. Door een goede stop verloor hij slechts acht plaatsen, en voor de finish kon hij er nog vier goedmaken. Fittipaldi had Regazzoni inmiddels al ver achter zich gelaten. De Ferrari was geen gevaar meer, de motor was niet beter gaan lopen. Dat was ook een van de redenen, dat de aanmoedigingskreten, die in de eerste ronden van de tribunes waren afgevuurd langzaam maar zeker plaats gingen maken voor schallende overwinningsballades. Achter hem werd het leven van Ickx werd behoorlijk zuur gemaakt door Carlos Pace, die op zijn beurt op de hielen werd gezeten door Mike Hailwood en Reutemann. Scheckter kwam, met hevige vibraties, in de 28e ronde in de pits maar werd door een woedende Ken Tyrrell meteen weer weggestuurd. Reutemanns zesde plaats werd nu door Peterson gekaapt, verder naar achteren waren het Hunt, Depailler, Beltoise die onverbeten voortploegde. Met nog twaalf ronde te gaan, brak plotseling de hel boven het circuit los. Enorme regenwolken goten hun inhoud over de baan uit, wat voor Fittipaldi aanleiding was d.m.v. heftige handgebaren de wedstrijdleiding duidelijk te maken, dat er nu toch moest worden ingegrepen. Moest er vlak voor de finish iedereen wisselen op regenbanden zou het een complete chaos worden. De organisatoren besloten de race te stoppen omdat er meer dan tweederde was gereden. Te beginnen bij Ickx werd het hele veld afgevlagd, terwijl Fittipaldi en Regazzoni, die al gepasseerd waren, in de 32e van de geplande 40 ronden hun biezen konden pakken. Deze omstandigheid verklaart tevens, waarom de nummers 3 tot en met 12 op de officiële einduitslag een ronde achterstand hebben.
Geschreven door Martin |
© F1-Geschiedenis
Oorspronkelijk idee, ontwerp en webmaster: Jos Van Aken (2004-2007)